Spring naar inhoud

Toelichting op de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening

Algemeen

Activiteiten

NV HVC (statutaire vestigingsplaats Jadestraat 1 te Alkmaar, kvknr. 37061260), ook aangeduid met 'de vennootschap' is in de jaren negentig van de vorige eeuw opgericht om een oplossing te bieden voor de groeiende afvalproblematiek. De vennootschap en haar groepsmaatschappijen, hierna aangeduid met 'de groep', heeft als doel ten algemene nutte werkzaam te zijn op het gebied van het beheer van afval, reststromen en duurzame energie ten dienste van gemeenten en waterschappen. De activiteiten van de groep bestaan uit: afvalinzameling, sortering, recycling en compostering, verwerking van afval en de daarmee verbonden opwekking en afzet van elektriciteit en warmte en opwerking van reststoffen tot nuttige toepasbare restproducten, advisering van haar aandeelhouders op het gebied van duurzame energie, alsmede de ontwikkeling en beheer van duurzame energieproductie-installaties.

Dienstverlening Inzameling en Beheer Openbare Ruimte

NV HVC heeft met 27 (al dan niet via een gemeenschappelijke regeling) aandeelhoudende gemeenten dienstverleningsovereenkomsten gesloten voor de inzameling van afval, inclusief het beheer van afvalbrengdepots en in een aantal gevallen het beheer van openbare ruimte binnen die gemeenten. Deze dienstverleningsovereenkomsten zijn aangegaan voor een langdurende periode meestal op basis van tarieven per woonhuisaansluiting die jaarlijks worden geïndexeerd op basis van overeengekomen onafhankelijk gepubliceerde prijsindexcijfers. De vennootschap is volledig eigendom van gemeenten en waterschappen en samenwerkingsverbanden van gemeenten en waterschappen. Voor een overzicht van de aandeelhouders wordt verwezen naar de toelichting op het vennootschappelijk eigen vermogen.

Grondslagen voor de jaarrekening

Uitgangspunten

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld volgens de bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving, die uitgegeven zijn door de Raad voor de jaarverslaggeving. De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen van waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van de vennootschap. De waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten.

Continuïteit

Zoals uiteengezet in het bestuursverslag is NV HVC door de aandeelhouders gevraagd hun duurzame energiebeleid en energietransitie vorm te geven. NV HVC investeert hiervoor in warmtenetten, geothermie en andere duurzame energie-installaties. De financiering hiervoor kan worden aangetrokken doordat de aandeelhouders garant staan voor de leningen, middels de ballotageovereenkomst (zoals uiteengezet in noot 9 van de toelichting bij de jaarrekening), waarvoor de vennootschap een garantstellingsprovisie verschuldigd is. Ultimo 2025 heeft NV HVC € 712 miljoen leningen die onder garantstelling van aandeelhouders uitstaan. HVC heeft ultimo 2025 een negatief werkkapitaal, dat wordt veroorzaakt door de aflossingsverplichtingen ad € 112 miljoen op de langlopende financiering die onder de kortlopende schulden is opgenomen. Het betreft structurele financiering voor activa met een gemiddelde levensduur die langer is dan de looptijd van de leningen en ook wat er redelijkerwijs aan looptijd op de financieringsmarkt mogelijk is. NV HVC zal in 2026 aan haar aflossingsverplichtingen voldoen middels het benutten van de verwachte operationele kasstromen, alsmede via herfinanciering waarbij ter overbrugging gebruik gemaakt kan worden van de bankfaciliteiten. De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen van waardering en resultaatbepaling zijn dan ook gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van de vennootschap. De waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten.
De financiële strategie is erop gericht de activiteiten en voorgenomen investeringen te kunnen financieren, met als primair uitgangspunt dat de financiële weerbaarheid in meerjarenperspectief tenminste op peil blijft. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De financiële gegevens van NV HVC zijn verwerkt in de geconsolideerde jaarrekening zodat, gebruikmakend van artikel 2:402 BW, is volstaan met een verkorte winst- en verliesrekening in de vennootschappelijke jaarrekening.

Schattingswijziging

In 2025 hebben zich geen schattingswijzigingen voorgedaan.

Stelselwijzigingen

In 2025 hebben zich geen stelselwijzigingen voorgedaan.

Consolidatie

Groepsmaatschappijen

NV HVC te Alkmaar staat aan het hoofd van een groep. In de geconsolideerde jaarrekening van NV HVC zijn de financiële gegevens verwerkt van de tot de groep behorende vennootschappen en andere rechtspersonen, waarover overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend of waarover de centrale leiding wordt gevoerd. De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld met toepassing van de grondslagen voor de waardering zeggenschap kan worden uitgeoefend of waarover de centrale leiding wordt gevoerd. De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld met toepassing van de grondslagen voor de waardering en de resultaatbepaling van NV HVC. De grondslagen van de groepsmaatschappijen sluiten aan op de grondslagen van NV HVC.

De financiële gegevens van de groepsmaatschappijen en de andere in de consolidatie betrokken rechtspersonen en vennootschappen zijn volledig in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen onder eliminatie van de onderlinge verhoudingen en transacties. Belangen van derden in het vermogen en in het resultaat van groepsmaatschappijen zijn afzonderlijk in de geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking gebracht. De resultaten van nieuw verworven groepsmaatschappijen en de andere in de consolidatie meegenomen rechtspersonen en vennootschappen worden geconsolideerd vanaf de overnamedatum. Op die datum worden de activa, voorzieningen en schulden gewaardeerd tegen reële waarde. De betaalde goodwill wordt geactiveerd en afgeschreven over de economische levensduur. De resultaten van afgestoten deelnemingen worden in de consolidatie verwerkt tot het tijdstip waarop de groepsband wordt verbroken.

In de consolidatie zijn begrepen:
Vennootschap Aandeel Statutaire vestigingsplaats Consolidatie
NV HVC (Groepshoofd) 100% Alkmaar Volledig
DRSH Zuiveringsslib NV 100% Rotterdam Volledig
Stichting beheer registergoederen DRSH 100% Dordrecht Volledig
HVC Zon op dak BV (*) 100% Alkmaar Volledig
HVC Warmte BV (*) 100% Alkmaar Volledig
HVC Zon BV (*) 100% Medemblik Volledig
HVC Compostering BV 100% Purmerend Volledig
HVC Energie BV 100% Alkmaar Volledig
HVC ZVI BV 100% Alkmaar Volledig
HVC Wol Middelharnis BV (*) 100% Alkmaar Volledig
Windpark 4/44 Haarlemmermeer BV (*) 100% Alkmaar Volledig
Horizon Energy BV (*) 100% Rotterdam Volledig
Lokale Energie BV 100% Alkmaar Volledig
HVC Landwind B.V. (*) 100% Alkmaar Volledig
Wind Kralingseveer BV (*) 100% Alkmaar Volledig
Wind Alckmaer B.V. (*) 63% Alkmaar Volledig
HVC Zeewind B.V. (*) 100% Alkmaar Volledig
HVC Windenergie BV 100% Alkmaar Volledig
HVC wASH BV 100% Alkmaar Volledig
Pollux VI BV (*) 100% Amsterdam Volledig
Castor VI BV (*) 100% Amsterdam Volledig
HVC Nederland BV 100% Alkmaar Volledig
HVC Geothermie BV 100% Alkmaar Volledig
HVC AandeelhoudersEnergie BV 100% Alkmaar Volledig
HVC Grondstoffen NV 100% Alkmaar Volledig
Zuyderzon Almere BV (*) 70% Alkmaar Volledig
ZON Noordelijk Flevoland BV (*) 100% Noordoostpolder Volledig
Zon Tripkouw BV (*) 100% Alkmaar Volledig
Zon Hollandse Delta BV (*) 100% Alkmaar Volledig
H.I.I.W. BV (*) 100% Alkmaar Volledig
HVC Aardwarmte Maasdijk BV (*) 96,71% Alkmaar Volledig
HVC Aardwarmte Polanen BV (*) 100% Alkmaar Volledig
HVC Aardwarmte Wippolderlaan BV (*) 100% Alkmaar Volledig
HVC Aardwarmte Alton BV (*) 100% Alkmaar Volledig
HVC Slibdrooginstallatie BV (*) 100% Alkmaar Volledig

Deelnemingen

De groep heeft deelnemingen in vennootschappen waarin ze geen overwegende zeggenschap heeft of niet de centrale leiding voert. In verband met het ontbreken van overwegende zeggenschap worden deze vennootschappen niet geconsolideerd. De groep heeft de volgende niet geconsolideerde deelnemingen:
Vennootschap Aandeel Statutaire vestigingsplaats
Sortiva Holding BV (voorheen Sortiva BV) (*) 50,0% Alkmaar
KoreNet Beheer BV 50,0% Groot-Ammers
Zavin BV 33,3% Dordrecht
Zavin CV 33,0% Dordrecht
Energie Transitie Partners BV 50,0% Poeldijk
Coöperatie TexelEnergie UA 12,5% Texel
Energiezorg BV (*) 50,0% Haarlem
Energiecoöperatie Dordrecht UA (*) 50,0% Dordrecht
Biocomp Pvt Ltd 10,0% Katmandu, Nepal
Trianel GmbH 0,24% Aken, Duitsland
Trias Westland BV 45,0% Honselersdijk
ZeeEnergie Management BV 10,0% Eemshaven
Buitengaats Management BV 10,0% Eemshaven
ZeeEnergie CV 10,0% Eemshaven
Buitengaats CV 10,0% Eemshaven
wASH VOF 50,0% Alkmaar
PVNED Holding BV 33,3% Middelburg
Kunststoffen Sorteer Installatie BV 49,5% Heerenveen
Regie Kunststoffen Nederland (RKN) BV 40,0% Delft
Zon Noordermeerdijk BV 50,0% Alkmaar
SPK BV 50,0% Wognum
Warmte Netwerk Westland Beheer BV 50,0% Poeldijk
Warmte Netwerk Westland CV 50,0% Poeldijk
AGV-HVC Windpark BV 49,0% Amsterdam
White Rock Insurance PCC Limited 5,0% Malta

Verbonden partijen

Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van NV HVC en nauwe verwanten zijn verbonden partijen. Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht.

Vreemde valuta

De functionele valuta en presentatievaluata van NV HVC en alle groepsmaatschappijen en deelnemingen is de Euro. Alle in deze jaarrekening genoemde bedragen zijn in duizenden Euro's, tenzij anders vermeld. Transacties die luiden in een andere valuta dan de functionele valuta worden omgerekend tegen de geldende wisselkoers op de transactiedatum. Vorderingen en schulden in vreemde valuta worden omgerekend tegen de koers per balansdatum. De uit de omrekening per balansdatum voortvloeiende koersverschillen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Huur en lease

Bij de vennootschap kunnen er huur- en leasecontracten bestaan waarbij een groot deel van de voor- en nadelen die aan de eigendom verbonden zijn, niet bij de vennootschap ligt. Deze huur- en leasecontracten worden verantwoord als operationele leasing. Huur en leasebetalingen worden, rekening houdend met ontvangen vergoedingen van de lessor op leasebetalingen, op lineaire basis verwerkt in de winst-en verliesrekening over de looptijd van het contract.

Financiële instrumenten

Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten, zoals vorderingen en schulden, als financiële derivaten verstaan. Voor de grondslagen van primaire financiële instrumenten wordt verwezen naar de behandeling per balanspost. HVC past hedge accounting toe. Op het moment van aangaan van een hedgerelatie, wordt dit door HVC gedocumenteerd. HVC stelt door middel van een test periodiek de effectiviteit van de hedgerelatie vast. Dit kan gebeuren door het vergelijken van de kritische kenmerken van het hedge instrument met die van de afgedekte positie en/of door het vergelijken van de verandering in reële waarde van het hedge instrument en de afgedekte positie. Indien er een indicatie voor ineffectiviteit is bepaalt de vennootschap dit eventueel ineffectieve deel door middel van een kwantitatieve ineffectiviteitsmeting.

Bij het toepassen van kostprijshedge accounting is de eerste waardering en de grondslag van verwerking in de balans en de resultaatbepaling van het hedge instrument afhankelijk van de afgedekte post. Dit betekent het volgende:

  • indien de afgedekte post tegen kostprijs in de balans wordt verwerkt, wordt ook het derivaat tegen kostprijs gewaardeerd;
  • zolang de afgedekte post in de kostprijshedgerelatie nog niet in de balans verwerkt wordt, wordt het hedge instrument niet geherwaardeerd. Dit geldt bijvoorbeeld in geval van de hedge van het valutarisico van een toekomstige transactie;
  • Indien de afgedekte positie van een toekomstige transactie leidt tot de opname van een financieel actief of een niet-financiële verplichting waarvoor kostprijshedge-accounting wordt toegepast, worden de hiermee samenhangende nog niet in het resultaat verwerkte winsten en verliezen verwerkt in de eerste kostprijs of andere boekwaarde van het actief of de verplichting die ontstaat als de afgedekte toekomstige transacties plaatsvindt. Het ineffectieve deel van de hedgerelatie wordt direct in de winst en verliesrekening verwerkt.

Het toepassen van kostprijshedge accounting wordt beëindigd als:

  • het hedge instrument afloopt of wordt verkocht, beëindigd of uitgeoefend;
  • de hedge niet langer voldoet aan de voorwaarden voor hedge accounting.

NV HVC past kostprijshedge-accounting toe voor de renteswaps die ervoor zorgen dat bepaalde variabel rentende schulden worden omgezet in vastrentende leningen. Het ineffectieve deel van de waardeverandering van de renteswaps worden verantwoord in de winst-en-verliesrekening onder de financiële baten en lasten.

Kritische schattingen en veronderstellingen

Bij het opstellen van de jaarrekening maakt de groep gebruik van kritische schattingen en doet de groep aannames omtrent de toekomst. De resulterende boekhoudkundige uitkomsten zullen per definitie zelden gelijk zijn aan de gerelateerde werkelijke resultaten. Schattingen en veronderstellingen worden continu geëvalueerd en zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden en overige factoren, inclusief verwachtingen van toekomstige gebeurtenissen die op grond van de omstandigheden als redelijk worden ervaren. De gemaakte schattingen en veronderstellingen zijn bij de behandeling van de betreffende rubriek toegelicht.

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva

Vergelijking met voorgaand jaar

De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van het voorgaand jaar.

Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa

Van een bijzondere waardevermindering is sprake indien de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van een actief is gelijk aan de hoogste waarde van de verkoopprijs minus verkoopkosten of de bedrijfswaarde. De bedrijfswaarde van een actief wordt bepaald op basis van de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen. Deze contante waarde wordt berekend met een disconteringsvoet na belastingen waarin de tijdswaarde van geld en de specifieke risico’s van het actief tot uitdrukking komen.

Een kasstroomgenererende eenheid is de kleinst identificeerbare groep activa die zelfstandig kasstromen genereert welke grotendeels onafhankelijk zijn van de kasstromen uit andere activa of groepen van activa. Kasstroomgenererende eenheden worden onderscheiden op basis van de economische samenhang tussen activa en het genereren van externe kasstromen en niet op basis van afzonderlijke juridische entiteiten. Goodwill wordt bij eerste vaststelling toegewezen aan een of meerdere kasstroomgenererende eenheden, in overeenstemming met de wijze waarop intern de goodwill door de directie wordt beoordeeld.

Jaarlijks wordt beoordeeld of er aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingen. Als een dergelijke aanwijzing bestaat, wordt de realiseerbare waarde bepaald voor het betreffende actief of de kasstroomgenererende eenheid. Als de boekwaarde van aan kasstroomgenererende eenheden toegewezen activa hoger is dan de realiseerbare waarde wordt de boekwaarde tot de realiseerbare waarde teruggebracht. Deze bijzondere waardevermindering wordt ten laste van het resultaat gebracht. Een bijzondere waardevermindering wordt eerst in mindering gebracht op de goodwill die aan de betreffende eenheid is toegewezen en vervolgens naar rato in mindering gebracht op de boekwaarde van de overige activa van de betreffende eenheid.

Op basis van een meerjarenprognose van de winst- en verliesrekening en balans zijn eind 2025 de vrije kasstromen in een prognoseperiode tot en met 2030 bepaald en is op basis van de geschatte nettokasstroom voor de periode daarna een restwaarde bepaald. De kasstromen in de prognoseperiode en de restwaarde zijn vervolgens contant gemaakt tegen de disconteringsvoet gebaseerd op de kosten van het vermogen voor de betreffende kasstroom genererende eenheid. De prognoses zijn gebaseerd op onder meer de meerjarenbegroting voor de periode 2026 – 2030, de huidige contractportefeuille afvalbeheer en de huidige leningportefeuille alsmede verwachtingen van het management over de ontwikkelingen van opbrengsten en kosten. Daarbij is de consistentie met de in het verleden behaalde resultaten betrokken. De volgende aannames zijn gehanteerd: groeipercentage 2 - 5% (2024: 2 - 5%); prijsstijging kosten derden 2 - 5% (2024: 2 - 5%); conservatieve prijsontwikkeling afvalbeheer en een disconteringsvoet na belasting variërend tussen 4,0%-11,0%.

HVC beschouwt de activiteiten met betrekking tot afvalverwerking en inzameling, inclusief de aan de energiecentrales gekoppelde warmtenetten als één kasstroomgenererende eenheid. In verband met de koppeling tussen de tariefstelling voor aandeelhouders en de exploitatie van de bio-energiecentrale wordt ook deze centrale als onderdeel van de hierboven beschreven kasstroomgenererende eenheid beschouwd. De belangen in wind op land, wind op zee, slibverwerking, zonne-energie en niet aan de energiecentrales gekoppelde warmtenetten worden als separate individuele kasstroomgenererende eenheden beschouwd.
In 2025 zijn geen indicaties voor impairment aanwezig.

Immateriële vaste activa

Goodwill

Goodwill is het positieve verschil tussen de verkrijgingsprijs van een acquisitie en de reële waarde van de aan de groep toerekenbare verworven netto activa en passiva op acquisitiedatum. Goodwill die ontstaat bij acquisitie, vertegenwoordigt betalingen die door de groep zijn gedaan in de verwachting van toekomstige economische voordelen, te behalen met actiefposten die niet individueel te identificeren en niet afzonderlijk te verantwoorden zijn. Deze hebben bijvoorbeeld betrekking op de verwachte synergie-effecten als gevolg van de acquisitie van deze ondernemingen door de groep.

Goodwill wordt gedurende de economische levensduur in 10 of 15 jaar met lineaire bedragen ten laste van het resultaat gebracht. Indien van toepassing worden bijzondere waardeverminderingen in mindering gebracht. Hiermee is aansluiting gezocht met de duur van de bij de overname gesloten dienstverleningsovereenkomsten van 10 of 15 jaar.

Materiële vaste activa

Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs c.q. vervaardigingsprijs verminderd met subsidies en cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen. De kosten van zelf vervaardigde activa omvatten materiaalkosten, directe arbeidskosten en een overeenkomstig aandeel van de indirecte productiekosten. De bouwrente op grootschalige projecten wordt geactiveerd. Ten aanzien van groot onderhoud worden de kosten geactiveerd en afgeschreven over de geschatte levensduur.

Onder de materiële vaste activa worden tevens de reserve-onderdelen van de installatie gewaardeerd. De onderdelen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs onder aftrek van een voorziening, voor ouderdom.

De afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode op basis van de verwachte economische levensduur, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Daar er sprake is van een significant schattingselement wordt de gebruiksduur periodiek beoordeeld gedurende de levensduur van het actief, om te waarborgen dat deze overeenkomt met de huidige situatie. Voor de afschrijvingen worden de volgende termijnen gehanteerd:

Categorie Afschrijvingstermijnen
- Gebouwen, machines en installaties (AEC's, SVI) 25 jaar - 30 jaar
- Gebouwen, machines en installaties (Installatie BEC) 15 jaar - 22 jaar
- Machines en installaties (overige) 5 jaar - 10 jaar
- Andere vaste bedrijfsmiddelen 5 - 20 jaar
- Op terreinen en activa in ontwikkeling wordt niet afgeschreven  

Financiële vaste activa

Deelnemingen

De niet geconsolideerde deelnemingen waarop invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid wordt uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen nettovermogenswaarde doch niet lager dan nihil. Deze nettovermogenswaarde wordt berekend op basis van de grondslagen van NV HVC. Wanneer de vennootschap geheel of ten dele instaat voor de schulden van de betreffende deelneming, wordt een voorziening gevormd, primair ten laste van de vorderingen op deze deelneming en voor het overige onder de voorzieningen ter grootte van het aandeel in de door de deelneming geleden verliezen, dan wel voor de verwachte betalingen door de vennootschap ten behoeve van deze deelnemingen.

Deelnemingen waarin geen invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid wordt uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs en indien van toepassing onder aftrek van bijzondere waardeverminderingen. De beoordeling van bijzondere waardeverminderingen wordt verricht aan de hand van meerjarenramingen,die onder andere voor de wind op zee deelnemingen gebaseerd zijn op windstudies en energieprijsramingen.

Vorderingen op deelnemingen en participanten

Onder deze post worden opgenomen de vorderingen op deelnemingen en participanten al dan niet uit hoofde van leningen die het karakter hebben de groep duurzaam te dienen. De onder financiële vaste activa opgenomen vorderingen worden initieel gewaardeerd tegen de reële waarde onder aftrek van de transactiekosten (indien materieel). Vervolgens worden deze vorderingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. Bij de waardering wordt rekening gehouden met eventuele waardeverminderingen.

Latente belastingvordering

Onder de financiële vaste activa zijn actieve belastinglatenties gewaardeerd, tot het bedrag waarvan het waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winsten beschikbaar zullen zijn voor de verrekening van fiscale verliezen. De actieve belastinglatentie wordt opgenomen tegen nominale waarde en gewaardeerd tegen het geldende belastingtarief.

Overige leningen

De onder financiële vaste activa opgenomen overige vorderingen omvatten verstrekte leningen en overige vorderingen. Deze vorderingen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde. Vervolgens worden deze leningen gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs.

Voorraden

De voorraden zijn opgenomen tegen de verkrijgingsprijs onder aftrek van een eventuele voorziening voor incourantheid. De waardering van de voorraden grond- en hulpstoffen komt tot stand op basis van de gemiddelde inkoopprijs of lagere opbrengstwaarde.

Vorderingen en overlopende activa

De vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Na eerste verwerking worden de vorderingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vorderingen.

Liquide middelen

Liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Voorzieningen

Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten.

Latente belastingverplichtingen

Voor in de toekomst te betalen belastingbedragen uit hoofde van tijdelijke verschillen tussen commerciële en fiscale balanswaarderingen wordt een voorziening getroffen. De passieve belastinglatentie wordt opgenomen tegen nominale waarde en gewaardeerd tegen het geldende belastingtarief.

Personeelsbeloningen

Langlopende personeelsbeloningen die deel uitmaken van het beloningspakket, zoals beloningen wegens jubilea en dergelijke, worden opgenomen onder de voorziening
uitgestelde beloningen. De nettoverplichting voor deze personeelsbeloningen is de contante waarde van de verwachte toekomstige uitkering die werknemers in ruil voor hun diensten hebben verdiend in de huidige en vorige verslagperioden. Actuariële winsten en verliezen op overige langlopende personeelsbeloningen worden direct in de winst- en verliesrekening verwerkt. Bij de bepaling van de voorziening voor uitgestelde beloningen is rekening gehouden met een jaarlijkse salarisstijging van 3,5%, een disconteringsvoet van 4,5% en de blijfkans.

Pensioenen

De pensioenregeling van NV HVC wordt gefinancierd door afdrachten aan een pensioenuitvoerder, het bedrijfstakpensioenfonds ABP. De pensioenverplichtingen worden gewaardeerd volgens de ‘verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering’. In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de winst- en verliesrekening verantwoord. Aan de hand van de uitvoeringsovereenkomst wordt beoordeeld of en zo ja welke verplichtingen naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie op balansdatum bestaan. Deze additionele verplichtingen, waaronder eventuele verplichtingen uit herstelplannen van de pensioenuitvoerder, leiden tot lasten voor de vennootschap en worden in de balans opgenomen in een voorziening. Toevoegingen aan en vrijval van de verplichtingen komen ten laste respectievelijk ten gunste van de winst- en verliesrekening.

Een pensioenvordering wordt in de balans opgenomen wanneer de vennootschap beschikkingsmacht heeft over de pensioenvordering, wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen die de pensioenvordering in zich bergt, zullen toekomen aan de vennootschap en wanneer de pensioenvordering betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Ultimo 2025 (en 2024) waren er voor de groep geen pensioenvorderingen en geen verplichtingen naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie. De vooruitbetaalde/nog te betalen premies worden opgenomen onder de kortlopende vorderingen dan wel schulden. De dekkingsgraad van het pensioenfonds per 31 december 2025 bedraagt 123,5% (ultimo 2024: 111,9%). In overeenstemming met de richtlijnen voor de jaarverslaggeving wordt de door de pensioenuitvoerder (mogelijk) in rekening te brengen herstelpremie als last verantwoord op het moment dat de premie wordt verschuldigd.

Voorziening ww-uitkeringen

HVC is eigen risicodrager voor de werkeloosheidswet (WW). De hiervoor verwachte benodigde bedragen vormen de voorziening WW-uitkeringen.

Schulden

Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Schulden worden na eerste verwerking verwerkt tegen geamortiseerde kostprijs. De binnen een jaar vervallende aflossingen

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat

Algemeen

Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de opbrengstwaarde van de geleverde prestatie en de kosten en andere lasten over het jaar. De opbrengsten worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd. Verliezen worden verantwoord wanneer zij zich voordoen en voor zover deze betrouwbaar ingeschat kunnen worden.

Netto-omzet

Onder de netto-omzet wordt verstaan de opbrengst van de in het verslagjaar aan derden in rekening gebrachte bedragen voor de inzameling, be- en verwerking van afval en geleverde energie, exclusief omzetbelasting en inclusief kortingen. Opbrengsten van diensten worden opgenomen naar rato van de mate waarin de diensten zijn verricht. Schade-uitkeringen van verzekeraars in verband met geleden bedrijfsschade worden verantwoord onder de overige opbrengsten.

Subsidies

Exploitatiesubsidies worden als baten verantwoord in de winst-en verliesrekening in het jaar waarin de gesubsidieerde kosten zijn gemaakt of opbrengsten zijn gederfd, of wanneer een gesubsidieerd exploitatietekort zich heeft voorgedaan. De baten worden verantwoord als het waarschijnlijk is dat deze worden ontvangen. Subsidies met betrekking tot investeringen in materiële vaste activa worden in mindering gebracht op het desbetreffende actief en als onderdeel van de afschrijvingen verwerkt in de winst- en verliesrekening.

Verkoop van goederen en verlenen van diensten

Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden verwerkt zodra alle belangrijke rechten en risico's met betrekking to de eigendom van de goederen zijn overgedragen aan de koper. Verantwoording van opbrengsten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten.

Bedrijfskosten

De kosten worden op basis van een categoriale indeling gespecificeerd. Deze indeling wordt ook voor interne doeleinden gehanteerd. Kosten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben.

Personeelsbeloningen

Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de winst- en verliesrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers.

Financiële baten en lasten

Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen die als onderdeel van de berekening van de effectieve rente worden meegenomen. Rentelasten worden geactiveerd gedurende de periode van vervaardiging van een actief, indien het een aanmerkelijke hoeveelheid tijd vergt om het actief gebruiks- of verkoopklaar te maken. De te activeren rente wordt berekend op basis van de verschuldigde rente over specifiek voor de vervaardiging opgenomen leningen en op basis van de gewogen rentevoet van de leningen die niet specifiek aan de vervaardiging van het actief zijn toe te rekenen, in verhouding tot de uitgaven en periode van vervaardiging. De waardeverandering van kostprijs-gewaardeerde deelnemingen wordt op een separate regel onder de rentelasten gepresenteerd.

Belastingen

De vennootschapsbelasting wordt berekend tegen het geldende tarief over het resultaat van het boekjaar, waarbij rekening wordt gehouden met permanente en tijdelijke verschillen tussen de winstberekening volgens de jaarrekening en de fiscale winstberekening.

Aandeel in het resultaat van niet-geconsolideerde ondernemingen

Als resultaat van deelnemingen waarin invloed van betekenis wordt uitgeoefend op het zakelijke en financiële beleid, wordt opgenomen het aan de vennootschap toekomende aandeel in het resultaat van deze deelnemingen. Dit resultaat wordt bepaald op basis van de bij NV HVC geldende grondslagen voor waardering en resultaatbepaling. Bij deelnemingen waarin geen invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid wordt uitgeoefend, wordt het dividend als resultaat aangemerkt. Verwerking hiervan vindt plaats onder de financiële baten en lasten.

Grondslagen voor de opstelling van het geconsolideerd kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht wordt opgesteld volgens de indirecte methode. De nettokasstroom bestaat uit de nettomutatie tussen de liquide middelen in vergelijking met het voorgaande verslagjaar. Transacties waarbij geen ruil van geldmiddelen plaatsvindt, waaronder financiële leasing, worden niet in het kasstroomoverzicht opgenomen.

Winstbelastingen en ontvangen interest worden opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Betaalde interest wordt opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten.

De verkrijgingsprijs van verworven groepsmaatschappijen wordt opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geldmiddelen heeft plaatsgevonden.

Geldmiddelen aanwezig in deze groepsmaatschappijen worden separaat weergegeven.

Beheersing van financiële risico's

De activiteiten van de groep stellen haar bloot aan diverse financiële risico's: marktrisico (waaronder valutarisico, renterisico en prijsrisico), kredietrisico en liquiditeitsrisico op kasstromen.

De directie is verantwoordelijk voor het interne risicobeheer- en controlesysteem van de onderneming en voor de beoordeling van de effectiviteit van dit systeem. Afdelingen Business-Unit Controlling, Groep Controlling en Corporate Finance hebben een signalerende rol. Rapportages van genoemde medewerkers, de directeur Financiën en van de externe onafhankelijke accountant over de kwaliteit van de financiële processen en interne controles worden aan de directie voorgelegd en besproken met de auditcommissie van de raad van commissarissen.

Prijsrisico

Prijsrisico is de kans dat de opbrengsten uit afvalbeheer en energielevering lager zijn door bewegingen in de voor NV HVC relevante prijzen. NV HVC is blootgesteld aan prijsrisico’s. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen afvalbeheer en energielevering. Ten aanzien van afvalbeheer worden de kostenverhogingen als gevolg van inflatie op basis van langjarige contracten doorberekend in de door NV HVC in rekening gebrachte tarieven. Voor de tarieven van afvalverwerking geldt dat deze op de commerciële markt onder druk staan, maar mede door het aandeelhoudersdeel van het afval is de volatiliteit op jaarbasis beperkt. Aangezien NV HVC energie levert, wordt zij blootgesteld aan het prijsrisico op de energiemarkt. NV HVC heeft een verkoopbeleid voor energie vastgesteld, waarbinnen zij handelt. Er worden geen speculatieve posities ingenomen.

HVC heeft relatief omvangrijke investeringsprojecten. Het risico op overschrijding van de investeringsbedragen wordt gemitigeerd doordat deze projecten turn-key worden aanbesteed. Daarnaast zijn specifieke garanties overeengekomen voor de te realiseren productie- en emissiegegevens. Gezien de huidige dynamiek in de markt worden investeringen gemonitord op voldoende rendement.

Renterisico

Renterisico is de kans dat de financiële resultaten lager zijn door schommelingen in de voor NV HVC relevante rentecurves. Aangezien NV HVC niet beschikt over significante rentedragende activa, zijn de inkomsten en de operationele kasstromen in grote mate onafhankelijk van wijzigingen in de rentetarieven op de markt. Het renterisico van NV HVC komt voort uit de externe financiering. Nadat de Europese Centrale Bank in 2023 sterk reageerde op de hoge inflatie en de rente fors verhoogde van 2% naar 4% heeft zij de rente in 2024 en 2025 verlaagd tot 2%. Daarmee volgt zij de stabiliserende inflatie rond het doel van 2% en een gematigde economische groei. De marktverwachting is dat de rente in 2026 stabiel zal blijven maar dit blijft afhankelijk van de daadwerkelijke ontwikkelingen van inflatie en de economie.
Uitgangspunt is om de financierbaarheid van de activiteiten zeker te stellen tegen zo laag mogelijke kosten. NV HVC sluit langjarige leningsovereenkomsten met lange rentevast perioden af waardoor een verandering van de marktrente een geleidelijke impact heeft op de financieringslasten van NV HVC. NV HVC hanteert in de basis geen financiële instrumenten om rentefluctuaties te beheersen, behoudens hetgeen vermeld onder de niet uit de balans blijkende verplichtingen. Een verslaggevingsrisico, zonder cash effect, kan ontstaan wanneer de rente stijgt en daarmee de disconteringsvoet met een negatieve invloed op de berekening van bijzondere waardeverminderingen.

Kredietrisico

Kredietrisico is de kans dat de opbrengsten uit vorderingen lager zijn door het niet (tijdig) terugbetalen van de verschuldigde bedragen door tegenpartijen. NV HVC is niet blootgesteld aan aanzienlijke concentraties van kredietrisico. De vorderingen bestaan enerzijds uit vorderingen ten aanzien van dienstverlening aan gemeenten die tevens aandeelhouders zijn. Anderzijds uit vorderingen op bedrijfsafvalklanten, waarvoor het grootste deel automatische incasso's zijn afgegeven. Debiteurenposities worden actief gemonitord en maandelijks gerapporteerd. Bij het niet tijdig voldoen aan betalingsverzoeken worden posities overgedragen aan een incassobureau volgens een standaardprotocol. Debiteurenposities bij particulieren zijn beperkt waardoor ook in een bijna recessie situtatie het risico klein blijft.
Met betrekking tot bancaire tegenpartijen wordt dit risico laag geact. Creditgelden zijn verdeeld over verschillende banken.

Liquiditeits- en kasstroomrisico

Het werkkapitaal is negatief, voornamelijk omdat de aflossingsverplichting op de langlopende financiering onder de kortlopende schulden is opgenomen. Het betreft structurele financiering voor activa met een gemiddelde levensduur die langer is dan de looptijd van de leningen en redelijkerwijs aan looptijd op de financieringsmarkt mogelijk is. Het liquiditeitsrisico is evenwel klein omdat het samenhangende herfinancieringsrisico beperkt is. Er is voldoende ruimte om binnen de bestaande afspraken met aandeelhouders en banken herfinanciering met garantiesvan aandeelhouders aan te trekken. Daarnaast zijn er voor kortlopende financieringsbehoeften als gevolg van timingverschillen of calamiteiten aanvullende financieringsfaciliteiten beschikbaar, waaronder € 75 miljoen kasgeldfaciliteit en € 15 miljoen rekening courant faciliteit.